Diversen

Ledenavond:           maandag 18 september

Onderwerp:             De geschiedenis van de tuinaanleg in Friesland

Door:                         Mevrouw Rita Radetzky

 

Mevrouw Radetzky, kunsthistorica, stuurde ons de volgende informatie over deze ledenavond:

“Friesland telde vroeger honderden adellijke huizen, die stinzen en later staten werden genoemd. Bij deze gebouwen liet de Friese elite tuinen aanleggen. In de 16de en 17de eeuw waren deze nog eenvoudig van opzet met als functie de bewoners in hun levensbehoeften te voorzien.

Omstreeks 1700 ontstond de mode van de formele of barokaanleg waarbij de tuin een soort "buitenvertrek" van het huis werd. Er werden langs zichtassen tuinvakken in een strenge symmetrie aangelegd. De mooiste voorbeelden hiervan waren in de 18de eeuw de inmiddels verdwenen buitenplaats van Groot Terhorne te Beetgum ten noordwesten van Leeuwarden, Heremastate te Joure en Oranjewoud bij Heerenveen. Bij de aanleg van de laatste was de van oorsprong Franse tuinarchitect Daniël Marot betrokken. Hij ontwierp de tuinaanleg onder meer bij Het Loo.

Vanaf circa 1800 kwam als reactie hierop een nieuwe mode tot bloei, de Engelse of landschapsstijl. De meeste buitenplaatsen in Friesland werden vanaf 1820 in deze stijl heringericht. De bekendste tuinarchitect uit die tijd is L.P. Roodbaard, die alleen in het noorden van het land werkzaam was. De meeste tuinen realiseerde hij in Friesland.

De adel en de rijke patriciërs bevolen hem elkaar steeds aan. Ze lieten prachtige parken realiseren met een kronkelend padenplan tussen perken met bomen, heesters en bloemen. Het terrein werd glooiend gemaakt met grond die bij het graven van grote vijverpartijen vrij kwam.

Van deze tuinen zijn gelukkig nog fraaie exemplaren bewaard. Rondom Leeuwarden zijn nog Staniastate en De Klinze en bij Heerenveen onder andere Oranjestein te vinden.

Tijdens de lezing zal deze ontwikkeling van de tuinaanleg met behulp van beeldmateriaal zoals ontwerptekeningen en foto’s worden toegelicht. De tuinen zijn immers van een onschatbare cultuurhistorische waarde.”

 

meer

 

 

 

21
Jan
Kruiden en appelmoes - Blik op de Tuin 884
15
Jan
Vergeten smaakmakers en paradijskorrels (Blik op de Tuin - 884)